| Kind en Scheiding | ||||||||||||||||||
| Kinderen beleven de
scheiding van hun ouders vaak anders dan de ouders zelf. Over wat er
leeft bij kinderen van gescheiden ouders proberen we op deze pagina wat
meer duiding te geven. |
||||||||||||||||||
| Artikels | ||||||||||||||||||
|
| De impact van een (echt)scheiding op kinderen en ex-partners | ||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
Persmededeling 5 maart 2007 Naar schatting 20 à 25% van de kinderen (circa 250.000 kinderen tussen 0 en 18 jaar) in Vlaanderen maakt een scheiding of echtscheiding van de ouders mee. Kinderen worden op steeds jongere leeftijd geconfronteerd met een echtscheiding van hun ouders. Het gaat daarbij in 53% van de gevallen of ruim de helft om een wettelijke echtscheiding, bij een kwart om een samenwoonontbinding (27%) en bij nog eens 14% om een feitelijke scheiding. Op het ogenblik van de scheiding heeft 43% van deze kinderen de lagere schoolleeftijd bereikt (tussen 6 en 11 jaar oud), 27% is nog een kleuter (3 tot 5 jaar) en 13% is tussen 12 en 17 jaar oud op het ogenblik van de scheiding. De studie brengt een synthese van het internationale echtscheidingsonderzoek naar de impact van een scheiding op de levenskwaliteit van kinderen en ex-partners. Vlaams echtscheidingsonderzoek bleef totnogtoe beperkt.
Kinderen die een scheiding meemaakten kampen vaker met emotionele problemen en vertonen meer depressie- en angstsymptomen. Ze hebben een lager gevoel van eigenwaarde en een minder positief zelfbeeld. Ze hebben meer suïcidale gedachten, vooral wanneer naast de scheiding tegelijk sprake is van een risicovolle gezinssituatie (conflicten, problemen bij de ouders). Kinderen (vooral jongens) met een scheidingservaring hebben meer kans om delinquent, antisociaal en agressief gedrag te ontwikkelen. Kinderen die op korte termijn meerdere gezinstransities meemaken hebben een verhoogde kans op alcohol- en cannabisgebruik. Tot 2 à 3 jaar na de scheiding halen kinderen die een scheiding meemaakten gemiddeld minder goede schoolresultaten, vooral wanneer de scheiding zich voordoet tijdens belangrijke scharnierjaren in de schoolloopbaan. Kinderen uit gescheiden gezinnen voelen zich ook vaker verdrietig en ongelukkig op school. Ze starten minder vaak een hogere opleiding. Kinderen van gescheiden ouders hebben ook een verhoogde kans om zelf te scheiden. Vooral de eerste 2 jaar na een scheiding zijn voor kinderen een moeilijke en stressvolle periode, waarin de kans op het manifesteren van problemen het grootst is. Toch ontwikkelt slechts een minderheid - hoewel een problematische minderheid - van de kinderen ernstige problemen tijdens de verdere levensloop op langere termijn. Onderzoek bracht aan het licht dat andere factoren, al dan niet gerelateerd aan de scheiding zelf, vaak een sterkere rol spelen en het welzijn van kinderen mee beïnvloeden. Deze factoren kunnen al voor de scheiding aanwezig zijn. Precaire gezinssituaties (financieel-economische stress, psychologische problemen bij de ouders, zelfs gedragsproblemen bij kinderen) zijn vaak al aanwezig vóór de echtscheiding, waardoor deze gezinnen meer kans hebben om af te stevenen op een scheiding. Kinderen hebben het vooral lastig wanneer er sprake is van conflicten tussen de ouders. Conflicten tussen de partners geven aanleiding tot meer depressieve symptomen, meer angstgevoelens, meer eenzaamheid, meer gedragsproblemen en lagere schoolprestaties. Kinderen halen dan duidelijk voordeel uit de ontbinding van een zeer conflictgeladen huwelijk. Wanneer conflicten echter blijven voortduren nà de scheiding, nemen de voordelen van een huwelijksontbinding voor kinderen dan weer af. Vooral frequente, intense en aanhoudende conflicten die gepaard gaan met (verbaal / fysiek) geweld, versterken de negatieve impact van een scheiding. Ook het meemaken van opeenvolgende transities (nieuw gezin, verhuis, nieuwe school,…) maken kinderen kwetsbaar voor psychologische problemen en gedragsproblemen. De impact van een scheiding wordt getemperd wanneer kinderen voldoende sociale steun ervaren. De aanwezigheid van een ruimer sociaal netwerk (vrienden, grootouders, andere familieleden, leerkrachten,…) waarbij kinderen terechtkunnen om de scheiding te helpen verwerken, kan een beschermende factor vormen. Ook een goede relatie met moeder én met vader, een goede opvoedingskwaliteit (vóór en nà de scheiding), kan de negatieve effecten op hun welbevinden temperen. De impact van ouderlijke conflicten op het psychologisch welzijn van kinderen en op gedragsproblemen vermindert indien ouders een hechte, sensitieve en op elkaar betrokken ouder-kindrelatie kunnen in stand houden. Maar de kans dat ouders dit ook kunnen in geval van een onderling conflict is kleiner dan wanneer het conflict afwezig blijft. Een scheiding met conflicten vermindert de kwaliteit van het opvoedend handelen. Volwassenen die een scheiding meemaakten vertonen in vergelijking met gehuwde volwassenen meer depressieve symptomen en een lagere levenssatisfactie. Ze hebben een slechtere gezondheid en een hoger sterfterisico. Vooral bij gescheiden mannen neemt de kans op zelfdoding neemt sterk toe. Gescheiden volwassenen doen ook vaker een beroep op hulpverleners, zowel op eerstelijnsgezondheidszorg als op gespecialiseerde hulp. Net als bij kinderen werkt het ervaren van veel opeenvolgende stresserende gebeurtenissen de kans op depressiviteit in de hand. Sociale ondersteuning van vrienden of nabije volwassen personen vormen een buffer tegen de negatieve impact van een scheiding op het mentale welbevinden en de gezondheid. Vaders ervaren een lagere contactfrequentie met hun kinderen en de band met hun kinderen wordt na de scheiding vaak minder sterk. Het zijn in hoofdzaak de vrouwen (vooral alleenstaande moeders) die een terugval in sociaal-economische status ervaren. Een precaire sociaal-economische situatie verhoogt bovendien de kans op het ontwikkelen van depressieve symptomen en een zwakkere gezondheid. De verminderde koopkracht is blijvend wanneer moeders niet herhuwen of met een nieuwe partner gaan samenwonen. Mannen ervaren na de scheiding over het algemeen een geringere koopkrachtdaling. Een goed betaalde baan, een betere financiële positie en een hoger opleidingsniveau versterken het sociale netwerk en temperen tevens de effecten op het psychologisch welbevinden en de gezondheid, zowel bij mannen als vrouwen. Voor meer
inlichtingen kan u terecht bij Christine Van Peer: U kan de volledige studie downloaden in pdf-formaat (1 MB). U kan een uitgebreide samenvatting downloaden (pdf - 161kB) of u kan ook een gedrukt exemplaar bestellen aan 15 euro. Overzichtspagina van downloadbare SVR - publicaties BRON: http://aps.vlaanderen.be/statistiek/publicaties/2007-03-perstekst-impact-echtscheiding.htm |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
| Eindejaar, ook voor kinderen van gescheiden ouders | ||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
Eindejaar, ook voor kinderen van gescheiden ouders
De eindejaarsfeesten kunnen gescheiden ouders met flink wat problemen opzadelen. Bij welke ouder vieren de kinderen kerstavond? Waar brengen ze nieuwjaar door? En kunnen ze mee naar het familiefeest aan vaders kant als het toevallig mama's week is bij ouders met co-ouderschap?
,,Bij ex-partners die elkaar het licht in de ogen niet gunnen, kan het inderdaad voor problemen zorgen en nogal pijnlijk worden. Niet alleen voor de ouders, maar ook voor de grootouders en zeker voor de kinderen zelf. Maar ik wil er al meteen op wijzen dat veel ouders wel een goede manier gevonden hebben om ermee om te gaan. Je kunt het vergelijken met de start van een relatie. Dan krijg je er een schoonfamilie bij, en moet er ook vaak wat gepuzzeld worden om de feestdagen in elkaar te passen. Bij een scheiding zou dat ook moeten gebeuren.''
En wat als dat niet lukt? ,,We zien dat ook wettelijk gepoogd is er een zeker evenwicht in te brengen. In principe moeten feestdagen, net zoals vakanties, verdeeld worden over beide ouders. Maar het blijft jammer als een goede regeling in overleg niet kan en je als ex-partner met de rug tegen de muur geduwd wordt. We merken wel dat er meer moeite wordt gedaan om tot een oplossing te komen en dat steeds meer een beroep wordt gedaan op ouderschapsbemiddeling.''
Maar zelfs met een goede regeling kan het
voor de ouder die voor het eerst alleen is op kerstavond
toch bijzonder zwaar zijn?
Samen naar Disney kijken
U hamert erop echtscheiding niet alleen langs
de negatieve kant te bekijken. Wat is de positieve kant?
Maar wat als er niets
in de plaats komt en die herinneringen pijnlijk worden?
Hoe gevaarlijk is het opbod van cadeautjes
waar gescheiden ouders al eens in verzeilen?
Ook grootouders worden tijdens de feesten nog
eens extra met hun neus op de feiten gedrukt.
Begrijpt u mensen die, vanuit
teleurstellingen, de feestdagen afzweren en er niet meer aan
meedoen?
Bron: Het Nieuwsblad 18-12-2003 ARG
|
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
Opgroeien in ontwricht gezin is erger dan vechtscheiding |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
Psycholoog Manu Keirse geeft adviezen voor opvang lagereschoolkinderen bij relatiebreuk
Een leerkracht vertelde me dat een jongen, Kurt, hem op een dag op de speelplaats aansprak: Meester mijn papa is gisteravond bij ons weggegaan. Hij zal nooit meer bij ons wonen”, zegt Manu Keirse. ,,Die leraar wist niet hoe te reageren en deed alsof zijn neus bloedde. Kurt zei het nog een keer: “Meester, mijn papa is gisteravond vertrokken”. Erg verveeld vluchtte de leraar met een smoes weg, waarop Kurt heel verdrietig op de rand van de stoep van de speelplaats ging zitten. Zou Kurt na die ervaring ooit nog iemand over zijn pijn in vertrouwen genomen hebben?” ,,Wat had ik moeten doen?, vroeg die leerkracht jaren later: Hij had zich naar Kurt moeten buigen en zeggen: “Wat erg Kurt, vertel eens. We leven mee met verlies maar weten niet hoe er mee om te gaan. Niet alleen ouders, maar alle opvoeders zouden daarin moeten gevormd worden.” ,,Een op de drie gezinnen valt uit elkaar, maar we staan er vaak niet bij stil hoe kinderen zich de volgende dag in de klas voelen wan neer ze de avond daarvoor gehoord hebben dat papa en mama gaan scheiden. De breuk tussen hun ouders laat de kinderen uiteraard niet onberoerd. Toch is het een mythe dat een echtscheiding de slechtste oplossing is voor de kinderen.”
,,Onderzoeken hebben het uitgewezen. Her allerbeste voor een kind is opgroeien in een harmonieus gezin. Het tweede beste is een harmonieuze echtscheiding. Derde optie een vechtscheiding. Maar het allerslechtste is je hele kindertijd in een ontwricht gezin te moeten doorbrengen. Want dan leer je dag na dag dat een relatie synoniem is van permanente conflicten.” ,,Soms betekent een echtscheiding een verbetering voor een kind: Nu heb ik twee keer een goede thuis in plaats van één slechte. Kinderen kunnen een breuk tussen hun ouders écht goed verwerken, op voorwaarde dat ze opgevangen, voorbereid en geïnformeerd worden.”
Bereid ze tijdig voor Soms worden kinderen pas op het allerlaatste nippertje van een echtscheiding op de hoogte gebracht. Bereid hen tijdig voor. Wat voorspelhaar is, is minder beangstigend. Leg uit dat je uit elkaar gaat en vertel, zo mogelijk, ook waarom. Of zeg dat papa en mama veel van elkaar hielden, dat het over is en jullie zelf niet zo goed begrijpen waar het misliep.” ,,Maak duidelijk dat hei huwelijk dan wel eindigt, maar niet het ouderschap en dat papa en mama altijd van de kinderen zullen blijven houden. Uitleg geven is voor scheidende ouders niet gemakkelijk, maar het is héél belangrijk voor de toekomst van de kinderen. Maak de andere ouder niet zwart. Dwing kinderen niet om tussen papa en mama te kiezen.”
,,Scheidende ouders zijn — begrijpelijkerwijze — vaak zo met hun eigen verdriet en vragen bezig dat de opvang van de kinderen soms tekortschiet. Wat niet betekent dat ze niet bekommerd zijn. De omgeving heeft ook haar verantwoordelijkheid en moet ouders daarbij helpen. Scheidende ouders hebben gidsen nodig..”
“Het slechtste wat je tegen een kind na een echtscheiding kunt zeggen is,; je moet niet verdrieteig zijn”
,,Dit is de belangrijkste boodschap die ik kan geven: geef als ouder; leerkracht, vriend, grootouder, buur of welke band je ook hebt het signaal dat het kind altijd over alle gevoelens kan maar niet moet praten. Wees extra gevoelig voor signalen verandering in gedrag. Zeker de school kan een heel belangrijke rol spelen, want het is een vertrouwde, veilige omgeving en een van de weinige die bij een scheiding voor een kind niet verandert” »Zegt een kind nets, geef het dan gewoon de tijd. Kinderen zullen hun verdriet vaak verbergen om de ouders te sparen. Hoe nauwer de band, hoe meer je het verdriet van de ander bovenop je eigen verdriet voelt”
Stiekem naar graf papa
,,Uit onderzoek naar de rouwverwerking bij zes- tot dertienjarigen blijkt dat menig kind stiekem soms tot drie keer per week het graf van papa gaat bezoeken. Maar vertel het niet aan mama. Als ze alleen voor die zerk staan, kunnen kinderen net nog hun eigen pijn dragen maar er niet meer die van anderen bij nemen.”
,,Kinderen -die een ouder door echtscheiding verliezen, hebben de neiging hun verdriet nog meer te verstoppen dan bij een sterven. Het slechtste wat je tegen een kind na een echtscheiding kunt zeggen, is: je moet niet verdrietig zijn. Natuurlijk zijn ze verdrietig. Geef niet de boodschap dat ze dat niet mogen tonen. Weet ook dat kinderen zich vaak schuldig voelen aan een echtscheiding.” »Had ik maar mijn huiswerk gemaakt of niet zo gezeurd om naar dat tv-programma te mogen kijken, dan hadden papa en mama geen ruzie gemaakt. Het komt niet door iets dat jullie gedaan of gezegd hebben: blijf dat herhalen. Maar zeg ook: “je mag je schuldig voelen maar het is niet zo.” ,,lk ben niet zo’n voorstander van het snel inschakelen van een psycholoog of psychiater bij verlies. Dan komt een al ontredderd kind in een niet vertrouwde omgeving terecht. Kijk altijd eerst of de naasten en de huisarts niet kunnen helpen.” “Op een dag vroeg een school mij ouders ervan te overtuigen professionele hulp voor een meisje in te roepen. Ze was met haar vader en broertje boodschappen gaan doen en bij het oversteken van de straat werd het broertje doodgereden. Dat meisje was erg aangedaan. Haar vader voelde zich schuldig en moeder was boos op papa. Het loopt daar uit de hand, zei de school. Wat voor reactie hadden ze verwacht?” ,,Die vader mocht zich schuldig voelen, de moeder mocht boos zijn en het kind mocht treuren. Zolang je er maar met iemand kunt over praten. Dat meisje heeft veel met de huisarts en met een vriendinnetje gesproken. Daar is geen professionele hulp aan te pas gekomen:’ ,,Wanneer kinderen van gescheiden ouders probleemgedrag gaan vertonen, is dat niet wegens het feit dat hun ouders uit elkaar zijn gegaan. Het ligt aan de manier waarop ze werden opgevangen. Of omdat het verdriet van kinderen op belangrijke momenten in het leven kan terugkomen.”
,,Wlllem (14) kreeg in het derde jaar middelbaar plots heel slechte schoolresultaten. Hij was onhandelbaar en ging die winter met een oude mantel van zijn - intussen tien jaar geleden— overleden vader naar school. Willem was aan het puberen voelde zich man worden en miste zijn vader verschrikkelijk”
Lees iets over verdriet
,,Wanneer je mensen inzicht geeft in wat zich afspeelt, krijg je meest al heel veel begrip. Lees iets over verdriet van kinderen of ga naar een lezing. Wij moeten ons scholen in samen in verdriet staan. Boekenwinkels liggen vol met zwangerschapsboeken en opvoedingstips. Je vindt ze ook massaal terug in de huiskamers. Maar wie heeft een boek over omgaan met rouwen in zijn bibliotheek?”
Kinderen
opvoeden, een uitdaging!:
vormingsdag over opvoeden voor ouders en grootouders op
zaterdag 18 november in Leuven. ,,Klnderen helpen bij verlies” door Manu Keirse. Uitg. Lannoo. 270 blz., 17,95 euro Bron:
De Gentenaar/Het Nieuwsblad 13-11-2006 Annemie Eeckhout |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
| Ruziënde ouders slecht voor kind | ||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
Ruzies tussen
ouders kunnen een negatieve invloed hebben op de nachtrust
van kinderen en kunnen leiden tot negatieve gevoelens. Dit
blijkt uit twee recente studies naar de effecten van
conflicten tussen ouders. Ook wanneer ouders elkaar negeren
in de hoop dat de kinderen niets van de ruzies meekrijgen,
kan
|
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
| Vlaamse ouders zijn creatief met co-ouderschap | ||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
'Mijn zoon vergeet zijn voetbalschoenen niet, ik vergeet wel mijn make-up' Co-ouderschap is meer dan een week bij papa en een week bij mama. Ouders werken ook verrassende regelingen uit. Bij Jan wisselen de kinderen elke weekdag van ouder, bij Hilde is het niet haar zoon die van huis wisselt, maar zijzelf. 'Bij ons is het niet Mats die zijn voetbalschoenen bij mama vergeet, maar ik die mijn make-up bij Mats laat liggen'. 'Een van de voordelen van co-ouderschap is dat je het naar je eigen wensen kunt invullen. Al kiezen de meeste mensen voor een week bij mama en een week bij papa", zegt Emy Lindelauf, scheidingsbemiddelaar bij het Vrouwenadviescentrum. Zij leidt ook een praatgroep voor mannen die relatieproblemen hebben, vaak door echtscheidingsperikelen. "Ik stel meestal co-ouderschap voor als twee mensen die willen scheiden voor mij zitten", zegt Lindelauf. "Ik vind dat kinderen recht hebben op beide ouders en dat ouders ook recht hebben op evenveel tijd met hun kind. Het aantal mensen dat voor co-ouderschap kiest, neemt dan ook toe."
De meeste ouders kiezen ervoor de kinderen een week bij mama en een week bij papa te laten wonen. "Dat is voor de meesten de haalbaarste oplossing, ook op praktisch vlak. Maar niet iedereen doet het zo. Ik ken ook een gezin waarin het kindje om de twee dagen van ouder wisselt. Een regeling waarin je om de andere dag of om de paar dagen de kinderen van huis doet wisselen, lijkt me vooral geschikt als ze nog klein zijn. Zodra ze een eigen computer hebben, is het niet meer doenbaar om die elke dag mee te verhuizen."
Ouders die zelf van huis wisselen in plaats van hun kind, daar heeft Emy Lindelauf ook al van gehoord. "Maar om zo'n regeling te doen slagen moet de verstandhouding met je ex-partner wel goed zijn. In welk huis gaat het kind wonen, wie ruimt er op en maakt er schoon in het gemeenschappelijke huis? Dat kan vlug fout lopen als je niet oplet." En wat als je, zoals Hilde, een paar dagen per week bij je kind woont, maar dan wel in het huis waar je ex permanent woont? "Goh, dat lijkt me moeilijk. Wat als je dan de nieuwe partner van je ex tegen het lijf loopt? Moet je daar dan afspraken over maken?"
Al is co-ouderschap vaak het beste voor ouder en kind, een ideale oplossing is het niet, vindt Lindelauf. "En het is verkeerd om het zo voor te stellen. Veel mensen kiezen voor co-ouderschap omdat ze denken dat verstandige mensen die het beste voorhebben met hun kind dat nu eenmaal doen. Ze staan niet altijd stil bij nadelen zoals het feit dat je bij elkaar in de buurt moet blijven wonen. En het is niet zo makkelijk om met schone lei opnieuw te beginnen als je voortdurend met je ex of zijn vrienden geconfronteerd wordt. Soms zorgt het contact dat exen met elkaar moeten blijven onderhouden voor de co-ouderschapregeling ervoor dat conflicten weer oplaaien."
Een ander nadeel van co-ouderschap is de financiële kant van de zaak. Lindelauf: "Je wordt verondersteld om elk de helft van de kosten te dragen voor het onderhoud van het kind. Dat geld komt meestal terecht op een gemeenschappelijke kinderrekening. Sommigen maken er een spelletje van om hun ex op deze manier te pesten.Het principe achter co-ouderschap is goed, maar in de praktijk werkt het alleen als mensen ervoor kiezen om de juiste redenen.
Bron: De Morgen: Katrijn Serneels Publicatiedatum : 25-03-2006 |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
| Kind van Gescheiden ouders | ||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
| Als je alles hebt
geprobeerd om je huwelijk te redden, maar het blijkt dat er toch
iets onherstelbaar is beschadigd in jullie relatie, lijkt een
scheiding vaak de beste oplossing. Dat besluit neem je niet zomaar,
zeker niet als je kinderen hebt. Zij zullen immers ook op
ingrijpende wijze te maken krijgen met de gevolgen ervan. Bij elkaar blijven voor de kinderen Je hoort wel eens dat echtgenoten alleen bij elkaar blijven omdat ze hun kinderen niet de dupe van een scheiding willen laten zijn. In die gevallen is het verstandig om je af te vragen waar een kind meer baat bij heeft: twee gelukkige, gescheiden ouders of een ongelukkig en ruziënd getrouwd stel. Vaak is het op de lange termijn schadelijker voor een kind om voortdurend in een gespannen sfeer te leven dan om eenmalig aan het feit van een scheiding te moeten wennen. Toch is het niet mogelijk om te zeggen dat een scheiding altijd de beste oplossing is voor een slecht huwelijk. Dat verschilt per situatie en per individu. Je zult zelf moeten bepalen wat in jouw geval het verstandigst is. Het blijft natuurlijk altijd een keuze uit twee kwaden: je zou immers, net als je kind, het liefste zien dat jullie een gelukkig gezin zouden blijven vormen.
Gevolgen voor je kind Een scheiding is een pijnlijke en emotioneel zware gebeurtenis, zowel voor jou als voor je kind. Het oude, vertrouwde en veilige wereldje van je kleine komt plotseling volledig op zijn kop te staan. Dat kan heel wat angst en verwarring met zich meebrengen. Je kunt die emoties bij je kind nooit helemaal wegnemen. Gelukkig kun je wel veel doen om de negatieve gevolgen van de scheiding af te zwakken:
Neem de (onbewuste) schuldgevoelens van je kind zoveel mogelijk weg. Bevestig jullie liefde voor hem op een duidelijke manier. Zet je kind niet tegen je partner op.
Schuldgevoelens Jonge kinderen zien zichzelf als het middelpunt van de wereld. Alles wat er in die wereld gebeurt, betrekken ze direct op zichzelf. De kans is dan ook groot dat je kind er, bewust of onbewust, onmiddellijk vanuit gaat dat jullie scheiding iets met hem heeft te maken. Dit kan leiden tot ernstige schuldgevoelens. Vooral in de peutertijd komt deze reactie vaak voor. Daarom is het belangrijk om duidelijk te maken dat jullie besluit niets met hem van doen heeft. Vertel hem dat je begrijpt dat hij het niet leuk vindt, maar dat er niets is wat hij kan doen om het tegen te houden. Het ligt immers niet aan hem, maar aan jou en je partner samen.
Liefde bevestigen Het is een schok voor je kleine om te ontdekken dat zijn vader en moeder niet langer bij elkaar willen wonen en dat hun liefde tot een eind is gekomen. Uit zijn kinderlogica kan hierop de conclusie volgen dat jullie liefde voor hem ook kan eindigen. Die conclusie roept een sterke angst bij hem op. Vertel daarom aan je kleine dat jullie scheiding absoluut niet betekent dat jullie minder van hem houden. Dat besef biedt hem een gevoel van zekerheid en veiligheid in deze moeilijke periode. Het is belangrijk dat jullie die woorden vervolgens ook in de praktijk brengen. Probeer er dus zoveel mogelijk voor te zorgen dat jullie kind, ook na de scheiding, contact houdt met beide ouders.
Neutraal blijven Hoe kwaad je misschien ook op hem of haar bent, het is beter om je negatieve gevoelens over je partner niet kenbaar te maken aan je kind. Houd je kritiek dus voor je als je kleine erbij is en maak geen vernederende of laatdunkende opmerkingen. Het blijft immers wel de vader of de moeder van je kind, iemand van wie hij houdt en over wie hij liever geen negatieve dingen hoort. Probeer ook te vermijden dat je kind het gevoel krijgt dat hij partij moet kiezen voor één van beiden. Dat is een onmogelijke opgave en afschuwelijk om te moeten doen. Laat je kind ook niet tussen jullie bemiddelen of voor jou de ander bespioneren. Je kind heeft recht op een neutrale positie.
DE REACTIE VAN JE KIND Net als jij heeft
je kind tijd nodig om de veranderingen te verwerken die een
scheiding met zich meebrengt. Hoe lang dit duurt en hoe je kind
precies reageert op deze veranderingen, is moeilijk te zeggen. Het
hangt helemaal af van het karakter van je kind en van de situatie
rondom de scheiding. Hieronder wordt een aantal reacties beschreven
die zich vaker voordoen. Wanneer reageert je kind? Dat je kind een bepaalde reactie zal vertonen op jullie scheiding staat vast. Het is alleen niet te voorspellen wanneer die reactie zich zal voordoen. Sommige kinderen vertonen al voordat de scheiding officieel is uitgesproken, duidelijke veranderingen in hun gedrag. Aan andere kleintjes is lange tijd niets te merken, waardoor je je misschien afvraagt of ze wel begrijpen wat er is gebeurd. Deze kinderen reageren misschien pas na afloop van alle gebeurtenissen, wanneer hun leventje weer in een rustiger vaarwater is terechtgekomen.
Manieren van uiten Je kind kan op verschillende manieren uiting geven aan de emoties en spanningen die de scheiding bij hem oproept. Kinderinfo.nl bespreekt een aantal mogelijke reacties:
Versterkte negatieve emoties Terugval in de ontwikkeling Slaapproblemen Moeite met afscheid nemen
Versterkte negatieve emoties Het zou kunnen dat je kind na de scheiding meer driftbuien heeft, vaker dwarsligt en zich over het algemeen moeilijker gedraagt dan daarvoor. Vooral bij peuters is dit een bekende reactie. Deze emoties treden tijdens de peuterpuberteit immers sowieso al op de voorgrond. Probeer je geduld tijdens dergelijke opstandige buien zoveel mogelijk te bewaren. Met een begripvolle reactie bereik je vaak meer dan met een woede-uitbarsting of straf.
Terugval in de ontwikkeling Sommige kinderen vertonen zogenaamde regressieverschijnselen in reactie op de scheiding van hun ouders. Ze gaan plotseling weer in hun broek plassen, terwijl ze voorheen allang zindelijk waren. Of ze willen niet meer zelfstandig lopen en eten, maar worden gedragen en gevoerd. Hiermee laat je kind zien dat hij (onbewust) terugverlangt naar die goede oude babytijd waarin alles nog veilig en vertrouwd was. Ook nu kun je het best begripvol reageren. Na een paar liefdevolle woorden is de kans groter dat het bij een korte terugval blijft, dan na gemopper en kritiek.
Slaapproblemen De emoties van je kleine kunnen zich ook openbaren in de vorm van angst voor het donker of het slapengaan. Dit zijn veel voorkomende angsten die vaak ontstaan na ingrijpende veranderingen in een kinderleven. Wel is het zo dat de avonden, samen met het weekend, na een scheiding vaak de moeilijkste momenten zijn. Dit waren immers voorheen de momenten waarop jullie als gezin bij elkaar waren. Als je kleine dan weer bij jou, dan weer bij je partner slaapt, doen de problemen zich vaak voor tijdens de eerste nacht bij de ander. Het advies luidt opnieuw om begripvol en geduldig te reageren. Blijf even bij je kind en vertel hem dat je gewoon beneden bent als hij je nodig heeft. Het is onverstandig om je kleine bij je in bed te nemen; dat is namelijk een gewoonte die moeilijk weer is af te leren.
Moeite met afscheid nemen Behalve met slapengaan kan je kind ook moeite krijgen met afscheid nemen. Hij kan namelijk het idee hebben dat je, net als je ex-partner, niet meer terugkomt. Het beste medicijn tegen deze angst bestaat uit geduld, begrip en liefde. Geef je kind de tijd om weer genoeg vertrouwen op te bouwen.Bron: www.kinderinfo.nl |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
| Kinderen van de Scheiding - Veerle Roelants | ||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
| Een kwalitatief
onderzoek naar de invloed van een ouderlijke echtscheiding op
adolescenten. Verhandeling aangeboden aan de FACULTEIT SOCIALE WETENSCHAPPEN DEPARTEMENT SOCIOLOGIE tot het verkrijgen van de graad van Licentiaat in de Sociologie - Academiejaar: 2003-2004 Katholieke universiteit Leuven Promotor : Prof. Dr. K. MATTHIJS Assessoren: T. VANHOVE en I. BEUNCKENS Verslaggever : Prof. Dr. J. BILLIET Kinderen van de scheiding. Invloed van een ouderlijke echtscheiding op adolescenten "Ik wil er voor je zijn in goede en kwade dagen, in rijkdom en armoede, in ziekte en gezondheid; tot de dood ons scheidt", zijn woorden die telkens vol overtuiging worden uitgesproken tijdens een huwelijkssluiting. Het huwelijk creëert namelijk als instituut in principe sterke sociale bindingen. De
realiteit toont ons momenteel echter een heel ander beeld. Sinds de
jaren ’60 van de vorige eeuw is er namelijk een gestadige stijging
waarneembaar in het aantal echtscheidingen in België. Steeds meer
houden partners van bij de start van hun huwelijk rekening met het
onzekere dat ook in hún relatie kan binnensluipen. In navolging van
Beck, die de maatschappij als een risicosamenleving omschrijft, kan
het huwelijk beschouwd worden als een berekend risico. Het huwelijk
is met andere woorden niet altijd meer een institutie die stand
houdt "tot de dood ons scheidt".Naar schatting zijn bij drie op vier echtscheidingen kinderen betrokken en dit betekent concreet voor het jaar 2000 dat er tussen de 20.000 en 25.000 kinderen geconfronteerd werden met een ouderlijke echtscheiding. Het gaat hierbij dus om een omvangrijke groep die invloed ondervindt van de beslissing van hun ouders om uit elkaar te gaan. De verhandeling ‘Kinderen van de Scheiding’ is het eindresultaat van een kwalitatief onderzoek naar de invloed van een ouderlijke echtscheiding op adolescenten. Rond deze problematiek bestaat reeds veel onderzoeksliteratuur en in het eerste hoofdstuk van de verhandeling wordt hier een beknopt overzicht van gegeven. In het tweede hoofdstuk wordt dieper ingegaan op de methodologie van het onderzoek. Het derde hoofstuk omvat het eigenlijke onderzoek, waartoe diepte-interviews werden afgenomen van veertien hoogopgeleide volwassenen die de scheiding van hun ouders hebben meegemaakt toen ze in de adolescentieperiode zaten. De uiteindelijke onderzoeksresultaten kwamen aan het licht via de analyse van deze interviews. De resultaten werden opgedeeld in vier groepen. Ten eerste werd ingegaan op de verschillen binnen de respondentengroep tussen de jonge en de oude adolescenten. Daarnaast werd een conceptueel model getest waarbij ervan uitgegaan werd dat veel openlijk conflict vóór de echtscheiding ertoe leidt dat kinderen de scheiding van hun ouders verwachten, dat ze meer positieve gevoelens hebben rond deze gebeurtenis en dat de winst dus groter zal zijn dan het verlies. Ten derde werd onderzocht of een echtscheiding opgevat kan worden als een sociaal proces. Als laatste werd nagegaan welke gevolgen een ouderlijke echtscheiding met zich mee kan brengen voor adolescenten. Het vierde en laatste hoofdstuk rondt het geheel af met een besluit waarin een beknopte synthese van de onderzoeksreslutaten wordt weergegeven. Download: Kinderen van de scheiding (pdf-formaat) |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
| Kinderen en scheiding bij hun ouders in het Vlaamse Gewest. Een analyse op basis van Rijksregistergegevens | ||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
Studie door Edith
Lodewijckx (Centrum voor Bevolkings- en Gezinsstudie - CBGS)
CBGS. In
opdracht van de Vlaamse Minister van Welzijn, Volksgezondheid en
Gezin. Juli 2005 Ruim 20% van de 0- tot 17-jarigen (op 1/1/2004) in het Vlaamse Gewest heeft een scheiding van de ouders meegemaakt: bij 11% van alle 0- tot 17- jarigen scheidden de ouders uit de echt, bij 3% kinderen leefden de ouders feitelijk gescheiden op 1/1/2004, bij bijna 6% kinderen waren de ouders niet gehuwd en gingen ze uit elkaar en bij 1% kinderen overleed één van de ouders. Het gaat in het totaal om circa 250.000 kinderen die ervaring hebben met een (echt)scheiding van hun ouders of een overlijden van een ouder. Hoe ouder de kinderen zijn, hoe groter de kans dat zij een scheiding van hun ouders meemaakten: 10% van de 0- tot 2-jarigen versus bijna 26% van de 12- tot 17-jarigen. Bij jongere kinderen gaat het vooral over een scheiding van de ouders die niet met elkaar gehuwd waren, bij de oudere kinderen betreft het veel vaker een echtscheiding dan een decohabitatie. De oudere kinderen hebben verhoudingsgewijs meer dan de jongste kinderen hun vader of moeder door overlijden verloren: 0,1% van de 0- tot 2-jarigen versus 2,2% van de 12- tot 17-jarigen. Kinderen worden op een steeds jongere leeftijd geconfronteerd met een echtscheiding van hun ouders. Bovendien zullen de jongere geboortecohorten er in de nabije toekomst ook meer mee te maken krijgen. Kinderen die buiten een huwelijk werden geboren, hebben een hogere kans om een gezinsontbinding mee te maken dan kinderen die binnen een huwelijk werden geboren. Er bestaan verschillen tussen de gewesten. Het Vlaamse Gewest telt verhoudingsgewijs minder kinderen met gescheiden ouders dan de twee andere gewesten. Er bestaan op 1 januari 2004 belangrijke gemeentelijke verschillen binnen het Vlaamse Gewest. De hoogste concentraties kinderen met gescheiden ouders worden aangetroffen in de (groot)steden, de kuststreek en rond het Brusselse Hoofdstedelijke Gewest. Het aandeel kinderen met gescheiden ouders varieert tussen de gemeenten van 8% tot 35%. In 1991 was de variatie tussen de steden en gemeenten nog groter. De gemeentelijke verschillen inzake het aandeel kinderen met scheidingservaring namen af in de periode 1991 - 2004. Het merendeel van de gemeenten die in 1991 hoge aandelen kinderen met een scheidingservaring hadden, zijn in 2004 nog steeds de koplopers. Maar het zijn juist de gemeenten met in het verleden (zeer) lage aandelen kinderen met een scheidingservaring die in de jaren negentig de grootste stijging meemaakten. Wanneer kinderen worden geconfronteerd met een scheiding van hun ouders, betekent dit zeker niet dat zij de rest van hun kindertijd bij een alleenstaande ouder zullen wonen. De kans om na vijf jaar met één ouder en een stiefouder samen te wonen, is duidelijk groter na een echtscheiding dan na een overlijden van de huwelijkspartner. Hoe jonger de kinderen zijn ten tijde van de gebeurtenis (gemiddeld is de ouder dan ook jonger), hoe groter de kans om na enkele jaren in een nieuw samengesteld gezin te wonen. Kinderen die na de echtscheiding of een overlijden bij de vader blijven, hebben een grotere kans om na enkele jaren met een stiefouder samen te wonen dan kinderen die bij hun moeder wonen. Steeds meer kinderen maken een scheiding van hun ouders mee. Zij worden er op steeds jongere leeftijd mee geconfronteerd. Daarmee gepaard gaand wonen steeds meer kinderen in éénoudergezinnen en stiefgezinnen. Aangezien er wordt aangenomen dat het aantal ontbindingen van huwelijken en cohabitaties verder in stijgende lijn zal gaan, is het met het oog op het algemene welzijn van de kinderen belangrijk dat de leefsituatie van kinderen op een systematische wijze wordt opgevolgd. Dit laatste betekent een adequate gegevensverzameling evenals een monitoring van de veranderingen. Derhalve wordt er gepleit voor een betere registratie en een grotere toegankelijkheid van de rijksregistergegevens voor wetenschappelijk onderzoek. |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
| Echtscheiding en ouders in conflict: Een mogelijk gevolg voor de kinderen : GESPLETEN LOYALITEIT tussen de ouders: Een standpunt vanuit de contextuele hulpverlening. | ||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
Echtscheiding en ouders in conflict.
Een mogelijk gevolg voor de kinderen: Gespleten loyaliteit tussen de ouders.
Een standpunt vanuit de contextuele hulpverlening.
Loyaliteit: Tussen ouders en kinderen bestaat een onverbreekbare existentiële band. Het kind krijgt het leven van zijn ouders, waardoor een band van wederzijdse rechten en plichten, verdiensten en schulden ontstaat. Deze horizontale loyaliteit is een zijnsgegeven, een zijnsloyaliteit en dus onverbreekbaar. In de relatie krijgt de loyaliteit verder vorm. Naast deze ‘existentiële loyaliteit’ voegt zich ook ‘verworven loyaliteit’, door zorg en verantwoord ouderschap van de ouders. Loyaliteit houdt in dat men wil voldoen aan de verwachtingen van die persoon en rekening houdt met zijn belangen.
Inherent is dan ook dat loyaliteiten met elkaar in botsing kunnen komen. Zo kunnen conflicten ontstaan tussen verticale en horizontale loyaliteiten, maar ook binnen de verticale loyaliteiten t.o.v. beide ouders. Omdat deze laatste vorm van loyaliteit een existentiële grond heeft, is deze ‘gespleten loyaliteit’ tussen de ouders de ergste vorm van loyaliteitsconflict.
Gespleten loyaliteit:
Toch komen kinderen waarvan de ouders in een conflict zijn verwikkeld, vaak in situaties waarin zij nauwelijks kunnen ontkomen deloyaal te zijn aan één van de ouders. Het partij kiezen voor de ene ouder, houdt in zich het kiezen tegen de andere. Geven aan de ene ouder wordt dan als het ware gelijk aan het tekortdoen van de andere ouder. Gezien het kind zijn wortels bij beide ouders liggen en het in see wil aan beiden loyaal zijn, is een dergelijke, gespleten loyaliteit zo ingrijpend. Een situatie die zich vaak bij echtscheiding voordoet. Het kind staat voor slechts twee mogelijkheden: Krampachtig volhouden aan zijn loyaliteit aan beiden, dat wil zeggen zich verregaand opofferen om zijn ouders te verbinden. Hetzij zichzelf trachten te redden door als het ware op één helft te springen en de andere ouder los te laten, waarbij de loyaliteit aan de losgelaten ouder ondergronds gaat, en we kunnen spreken van ‘onzichtbare loyaliteit’.
Waarom is het niet kunnen invullen of tegemoetkomen aan zijn loyaliteit zo ingrijpend destructief? We dienen het daartoe even te hebben over ‘de balans van geven en nemen’. Bij het in evenwicht zijn van deze balans - een evenwicht tussen wat geïnvesteerd wordt en wat ontvangen wordt – bevinden we ons in een ‘rechtvaardige relatie’. Het kind krijgt hier in een positieve spiraal van ontvangen wat het nodig heeft en kunnen teruggeven, vertrouwen geven en erkenning voor dat vertrouwen, bestaansrecht. Een relatie waarin vertrouwen ontstaat in de ander en waarin we zelf betrouwbaar zijn. Het kind krijgt in zo’n relatie de kans om iets terug te geven, krijgt daar erkenning voor en blijft op deze manier niet in de schuld te staan. Hier groeit zijn zelfwaardegevoel: betekenisvol zijn voor de ander, waardevol zijn als mens. Het verwerft voldoende vertrouwen in de ander en in zichzelf, om aan zelf-afbakening te doen. Dat wil zeggen: durven opkomen voor zichzelf en grenzen stellen aan de ander. Het maakt hem vrij in zijn relaties.
Wanneer een kind echter geen erkenning krijgt voor wat het geeft, met het gevoel blijft zitten van steeds tekort te doen, zijn er te weinig positieve bronnen voor zelf-validatie en komt zijn zelfwaardegevoel ernstig in het gedrang. Het kind zal vertrouwen missen om aan gezonde zelf-afbakening te doen.
In een gespleten loyaliteit zal het kind in dit opzicht: Ofwel zich danig opofferen om de ouders te verbinden – waarbij het sowieso met het gevoel blijft zitten aan beiden tekort te doen, zijn bestaansrecht in het gedrang komt en het ook nog de kans loopt als zondebok te fungeren. Dit alles kan leiden tot psychosomatische klachten, depressie, automutilatie, zelfmoordpogingen, gedragsstoornissen. Ofwel zal het een keuze maken voor één van beide ouders, en de ander tekortdoen door ondergronds te gaan in onzichtbare loyaliteit, en zo in de schuld blijven staan t.o.v. deze ouder. Een derde mogelijkheid, die zich eerder op latere leeftijd zal voordoen, is dat het kind zich van beide ouders afkeert, maar zichzelf dan ook berooft van de mogelijkheid tot het ontvangen of geven van zorg aan beide ouders.
Gevolgen kunnen verregaande zijn. Door een te weinig aan betrouwbaarheid in de ouder-kind relatie kan een destructief gerechtigd zijn opduiken, waarbij het kind zijn recht tot herstel zal claimen door wantrouwen, afwijzen, kwaadheid en soms wraak nemen. Zo kan tevens een roulerende rekening in gang gezet worden, wanneer het kind op volwassen leeftijd anderen zal claimen (en daarmee zijn ouders zal sparen) voor het hem vroegere aangedane tekort. Zo ontstaan dan opnieuw onrechtvaardige relaties waarin de betreffende persoon enerzijds te weinig of niet kan geven, anderzijds niet kan ontvangen. Hij is niet in staat het effect van zijn destructief gedrag op anderen te zien en geeft anderzijds de ander niet de kans om zijn relationele schuld in te lossen. In het beste geval zal de persoon juist extra gemotiveerd zijn om af te zien van dit destructief recht, omdat hij/zij ziet en ervaren heeft hoe onrechtvaardig dit is. Risico is dan weer dat hij/zij tegenover haar eigen partner, vrienden, kinderen, de eigen grenzen niet voldoende afbakkend.
Bij ouders in onderling conflict of in een echtscheidingssituatie hebben we sowieso te maken met gekwetste mensen. Naargelang de eigen ondergane ouderlijke parentificaties, zullen ouders in een gebroken relatie of na een moeilijke scheiding meer kans maken op destructieve wijze beroep te doen op hun kinderen. Wat het gegeven van in een gespleten loyaliteit te leven nog extra belast. Gekwetste, onzekere en wrokkige ouders voelen zich bijna gedwongen hun kinderen als een forum te gebruiken waarvoor zij lucht kunnen geven aan hun minachting, haat en wantrouwen. Op zijn ergst fungeren kinderen in al hun hulpeloosheid als geïsoleerde bronnen van betrouwbaarheid in een wereld van volwassenen die overduidelijk onbetrouwbaar en manipulatief is. Dikwijls is het onbedoeld misbruik, waarop de ouders dan ook dienen geattendeerd te worden. Het is bijvoorbeeld haast onmogelijk dat een echtscheiding plaatsvindt zonder dat de kinderen in een bepaalde mate worden geparentificeerd. Het gaat hem met name over de invloed van ouderlijke afweermechanismen op het kind, met als gevolg een toenemende onderlinge afhankelijkheid, die de ontwikkeling van het kind eenzijdiger maakt.
Mogelijk is dat het kind een geforceerde ontwikkeling naar zelfstandigheid doormaakt, om aan de behoeften van zijn ouders te voldoen (parentificatie van ‘het zorgende kind’). Dit ten koste van de eigen ontwikkelingstaken, de emotionele ontwikkeling en sociaal contact met leeftijdgenoten. In de hulpverlening zal de klemtoon liggen op het zoeken naar hulpbronnen in de familiale context tot het verwerven van erkenning voor de zorg die de kinderen aan hun ouders gaven. In eerste instantie zal dan ook meegegaan worden in het patroon van overzorg, om dan de cliënt geleidelijk aan te helpen zijn zorg te structureren en af te bakenen. Het belang van erkenning blijft cruciaal. Hierop volgend zal aandacht worden besteed aan het ontwikkelen van de ontvangende, passieve kant van de balans, zich openstellen voor de zorg voor anderen. Het gaat hem gelijktijdig dan ook om het herstel van het vertrouwen in anderen, het zelfbeeld en wereldbeeld: Mag ik ontvangen? Wat ben ik nog waard als ik niet zorg voor anderen? Kan ik anderen, die in mij willen investeren als betrouwbaar ervaren? Uiteindelijk komt ook het actief vragen om zorg of hulp aan bod.
Een andere vorm is dat het kind wil tegemoetkomen aan de ouderlijke behoefte om te blijven zorgen (parentificatie van ‘het ontvangende kind’/’het kind dat kind moet blijven’). De ouders worden zodoende verplicht om ouder te blijven voor het afhankelijk blijvende kind en zo wordt een verandering of vernieuwing van de dynamiek in het partnerschap vermeden. Gevolgen voor het kind zijn een vertraagde ontwikkeling en een afhankelijk blijven. Danig ingaan op de zorgbehoefte van de ouder(s) wordt vaak verward met reële hulpbehoevendheid van het kind. Erkenning geven voor deze vorm van zorg vanuit het kind, is voor de ouders vaak onmogelijk, omdat het om onbewust geprojecteerde behoeften gaat. In de hulpverlening kan dit bewust worden, en zal de klemtoon dan ook op erkenning rusten. Daarna zal gewerkt worden op het leren verantwoordelijkheid nemen voor het eigen leven. Dit impliceert dat het kind het risico aangaat dat wanneer het zich meer terugtrekt, de ouders in een crisis kunnen komen, maar het dan ook de kans aangrijpt dat het leert ervaren dat het zich ook enigszins zonder hen kan redden.
Nog een mogelijkheid is dat het kind in eerste instantie gezien wordt als een verlengstuk van de ouders. Het wordt met allerlei verwachtingen bezet en sterk geïdealiseerd (parentificatie van ‘het perfecte kind’). Het ontwikkelt dan ook een extra gevoeligheid voor verwachtingen en delegaties van de ouders. Wegcijferen van de eigen wensen en eigenheid en aanhangsel zijn. Gevolgen zijn gevoeligheid voor de verwachtingen van anderen, ontkenning van de eigen noden en verlangens, afschermen van de eigen emoties, faalangst, soms liegen en schuldgevoelens tot gevolg. Achter hun vlotte en sterk verbaal gedrag schuilt vaak een angstig afschermen van een neiging tot depressie. Waar het perfecte kind er niet in slaagt tegemoet te komen aan het ideaalbeeld van de ouders, komt het dikwijls in een zondebokpositie terecht. Het valt geregeld van de ene pool van het speciale en ideale kind in de andere pool van het slechte, mislukte en daardoor onwaardige kind. In behandeling zal het hoofddoel het verwerven van zelfbepaling zijn. Dit in eerste instantie met focus op de eigen noden en behoeften van de cliënt en het exploreren van de emotionele aspecten hiervan. Hulp vragen betekent voor het kind erkennen van de eigen beperktheid en onmacht. Deze personen zullen vaak doorgaan tot ze overspannen geraken vooraleer hulp te vragen. Een duidelijke hulpvraag stellen is dan ook een eerste stap in het loslaten van het perfectionistische zelfbeeld. Afzien van het in stand houden van dit ‘imago’ zal mogelijk gemaakt worden, wanneer de cliënt het risico kan nemen zijn eigen reële behoeften en mogelijkheden aan de ouders en familieleden kenbaar te maken.
Een vierde vorm is dat het kind juist zijn anders zijn in extreme mate gaat poneren (parentificatie van ‘de zondebok’ of ook ‘de rebel’). Door zich zo op te stellen tracht het kind de ouders te helpen om hun relatie als partners in stand te houden en de verschillen of dus het gescheiden zijn tussen hen niet onder ogen te moeten zien. De permanente schuldinductie leidt tot een gekwetst zelfbeeld, minderwaardigheidsgevoelens en wantrouwen t.o.v. anderen (in de zin van: Ik heb het toch altijd gedaan). Zondebokken krijgen zelden erkenning voor wat ze investeren. Machteloosheid, zinloosheid en nutteloosheid krijgen in cognities de vorm van ‘Ik ben niet de moeite waard. Niemand vindt mij aardig.’ tot ‘Ik heb niemand nodig, ik zorg wel voor mijzelf.’ We krijgen dan in sociaal opzicht een eerder over-assertief zijn en het toch niet komen tot dialoog en verbinding. In de hulpverlening is het hoofdthema uiteraard het zichtbaar maken van de investering van het kind. Dit brengt herstel van het vertrouwen in zichzelf en in anderen. Op deze wijze wordt het ook zelf betrouwbaarder voor anderen. Belangrijk is erkenning geven voor het onrecht dat de zondebok is aangedaan en gelijktijdig werken aan het besef dat het ook anderen onrecht aandoet. Het is moeilijk hun gedrag zichtbaar te maken als zijnde zorg voor het gezin, het is nog moeilijker om dit voor anderen zichtbaar te maken.
Echtscheidingsproces, partnerconflicten en ouderschap. Chronisch wantrouwen van de ouders (partners/ex-partners) ten opzichte van elkaar is de voornaamste bron van schade voor hun kinderen. In therapie zullen de (ex-)partners dienen geholpen te worden om het verleden af te sluiten, over hun pijn heen te komen en gevoelens van woede, hulpeloosheid en het trauma van verlies te verwerken. Dit werk omvat allerlei tot dan toe vermeden kwesties, zoals betrouwbaarheid, autonomie, irreële verwachtingen, botsingen met ouders en veroordelende vrienden, vergeldende schoonfamilie, maar ook de verschuiving in het sociale en gemeenschapsleven, nieuwe liefdesverhoudingen, en de zorg voor en het gedrag van de kinderen, de toekomst van de kinderen en allerhande regelingen met consequenties van dien. Het zal daartoe nodig zijn minder te steunen op het juridische systeem en meer te steunen op het pleiten voor wat billijk is. Het is daartoe noodzakelijk de ouders attent te maken op het onderscheid wanneer zij zich in de rol van ex-partner dan wel van ouder gaan opstellen. In het contextuele werk zal veelzijdig gerichte partijdigheid dan ook als het leidende principe en de methode aangehouden worden ten aanzien van beide volwassenen. Het veilig stellen van de belangen van de kinderen dient primair doel te zijn, en zal uiteindelijk ook het best de belangen van de ouders dienen.
Het is vanzelfsprekend dat niet alleen bij echtscheiding maar bij elke situatie van relatieconflict tussen de ouders, de belangen van het kind gegarandeerd blijven. Met name aandacht voor gepaste zorg voor en zorg van de kinderen. Aandacht voor het feit dat kinderen ook steeds zelf zorg aanbieden voor de ouders is van cruciaal belang, het aanvaarden en erkennen van zorg en het niet leunen op investeringen die hun mogelijkheden te boven gaan. Een kind kan groeien en zich ontwikkelen door het bieden van hulpbronnen van zorg, loyaliteit en beschikbaarheid, indien deze goed worden gebruikt. Tegenstrijdige eisen leiden echter op de duur tot de moeilijke omstandigheid van gespleten loyaliteit. Het is een ondankbare en onmogelijke taak voor een kind om voortdurend als scheidsrechter te moeten fungeren in de gevechten tussen zijn ouders en de consequenties – zoals hierboven, onder ‘parentificaties’ beschreven – zijn vandien. Voor de (ex-)partners dienen mogelijke hulpbronnen van vertrouwen aangeboord. Investeringen van beide ouders dienen gezien en erkend te worden. Alsook erkenning voor onrecht, gevoelens van gekwetst zijn, onmacht, onzekerheid over de toekomst, zorg voor de kinderen en bezorgdheden over de relatie met kinderen. Ook het in ogenschouw nemen van de eigen ouderlijke relaties kan verhelderend zijn, in een zoektocht naar eigen parentificaties, mogelijke delegaties of roulerende rekeningen en het zoeken naar mogelijke hulpbronnen aldaar. De ouder die zich bewust is van eigen - mogelijks destructieve – parentificaties, zal een klaardere kijk verwerven op wat hij al dan niet doorgeeft aan de eigen kinderen, beter oog hebben voor het bieden van gepaste zorg en voor de investeringen van zijn kinderen. Waardoor de kinderen een gedegen basismodel meekrijgen voor de toekomst en vertrouwen in zichzelf, de ander en de wereld.
Kinderen die voortdurend geparentificeerd worden, worden niet alleen uitgebuit en gemanipuleerd, maar ook worden hun energie en hulpbronnen leeggehaald. Binnen de contextuele ervaring dienen kinderen erkenning te krijgen voor hun opofferende bijdragen aan hun ouders en aan het familieleven, zodat zij uit de valstrik van parentificatie kunnen worden bevrijd. Zij zullen tevens hulp nodig hebben bij het omgaan met de met schuld beladen insinuaties die hun ouders gebruiken om hen in een positie te houden waarin zij te veel moeten presteren. Ouders dienen ook hulp te krijgen bij het leren geven van erkenning voor wat hun kinderen gegeven hebben; door hen op deze wijze krediet te geven zullen zij hun kinderen daadwerkelijk kunnen bevrijden uit de gevangenschap van parentificatie.
Bron:Dirk De Vlieger, Gegradueerde in de Gezinswetenschappen, Bemiddelaar in Familiezaken en student Contextuele Psychotherapie. © |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||